Sociale vaardigheden: de axenroos

Een dierentuin in de klas

In bijna alles wat we doen hebben we te maken met andere mensen. Daarom is een van de belangrijkste aspecten van het mens-zijn ook het vlot kunnen omgaan met andere mensen : de mens-mens relaties of de sociale vaardigheden.

Niet alle contacten met anderen lopen altijd even vlot. Ook niet in onze volwassenwereld:

  • We kochten een broek. Thuis merken we dat er een naad los is. We durven niet terug naar de winkel te gaan…
  • Achter de rug van iemand vertellen we allerlei dingen over deze persoon…
  • Iemand vraagt ons iets. We durven geen 'nee' te zeggen…
  • Ook kinderen zijn soms te ruw, te schuchter, te verlegen, te overheersend, te… In de school trachten we kinderen mee te begeleiden met het ontwikkelen van relaties die gericht zijn op evenwaardigheid, respect, ruimte voor de ander maar ook ruimte voor zichzelf. Voor deze relatievorming maken we gebruik van de axenroos die ontwikkeld is door Nand Cuvelier.

De axenroos van Nand Cuvelier biedt een bijzonder waardevol oriënteringskader bij sociale relaties. Het geeft een eenvoudig en toch volledige kijk op wat mensen als daden kunnen verrichten tegenover elkaar. Kinderen die deze specifieke woordenschat beheersen en ervaren in hun eigen omgeving, krijgen een betere kijk op het eigen functioneren. Hierdoor krijgen ze gaandeweg ook meer zicht en vat op hun sociale omgeving.

De axenroos figuur

Hoe moet je de axenroos interpreteren?

Elke ax, elk dier kan een ‘positief gedrag’ stellen, dit komt de relatie ten goede. Maar geen enkele relatie verloopt vlekkeloos, vandaar dat ook hier een achterkant van de medaille bestaat. Een dier dat geen enkel ‘negatief gedrag’ stelt, is ondenkbaar. Als er overdreven wordt, als er te veel aandacht getrokken wordt, te veel hulp gevraagd wordt, is dit geen gezonde situatie. Ook het te weinig belangstelling tonen, te weinig je verdriet tonen kan een relatie verzieken.

Belangrijk is dat er telkens twee dieren, twee mensen in relatie staan en dat beide zich goed voelen in de verhouding van het geven en het nemen.

De zes relatiewijzen

De axenroos verdeelt alle mogelijke houdingen die mensen tegenover elkaar kunnen aannemen in zes sectoren. Deze worden schematisch voorgesteld op de axenroos:

De drie relatiewijzen in het bovenste deel van de axenroos horen bij mensen die over 'iets beschikken' (aanvallen, houden, aanbieden/geven). De relatiewijzen in het onderste deel hebben te maken met 'niet bezitten' (weerstaan, ondergaan, aannemen/vragen).

In het linkergebied situeren zich handelingen die zich 'tegen iets' richten (aanvallen, weerstaan). In het rechtergebied vindt men twee relatiewijzen waarbij 'samen' iets gebeurt (aanbieden/geven, aannemen/vragen). De relatiewijzen onder en boven hebben betrekking op wat 'naast elkaar' gebeurt (houden, ondergaan).

De inzet van de uitwisseling

Zes verschillende domeinen kunnen de inzet zijn van de interactie:

  • Het bijzijn (lichamelijke aanwezigheid)
  • De persoon (eigenschappen en kwaliteiten)
  • Goederen
  • Diensten
  • Informatie
  • Richtlijnen (regels, raadgevingen)
  • Een ax is samengesteld uit een relatiewijze in combinatie met een inzet. Op deze wijze vindt men 36 verschillende axen.

Voor kinderen hanteren we echter slechts 10 axen. De twee relatiewijzen waarbij 'samen iets gebeurt splitsen we nog op in telkens 3 axen.

Elke ax heeft zijn waarden afhankelijk van de situatie waarin ze wordt geuit. Harmonisch functionerende kinderen weten flexibel gebruik te maken van de verschillende axen. Het krampachtig vasthouden aan een bepaalde relatiewijze of het steeds vermijden ervan, kan wijzen op een niet-harmonisch sociaal functioneren. Ook het extreem reageren vanuit een bepaalde ax wijst meestal op sociaal onaangepast gedrag. In de school spreken we over 'goed gemutst' en 'slecht gemutst'. Om de verschillende axen duidelijk te maken combineren we de axen met dierfiguren.

Havik - aanvechten

Aanvechten, klauwen, kritiek geven, in twijfel trekken, andermans (nieuw) terrein betreden, wegduwen, onjuistheden bewijzen.

Voorbeeld: bokser, ruziemakende mensen, Greenpeace, onderwijzer

Een goedgemutste havik is iemand die steeds recht op de man afgaat. Hij zal steeds op een beleefde wijze onder woorden brengen wat verkeerd is. Hij weet vanuit een offensieve houding op een opbouwende manier zijn kritiek te uiten. Eerst zal hij met zijn scherpe blik de situatie observeren. Heeft hij een fout gezien, dan wil hij die situatie rechtzetten. Hij durft ronduit zijn mening zeggen. Hij is ook iemand die steeds wil winnen. Iemand met een gezonde kritiek.

Een slechtgemutste havik is iemand die de anderen wil pijnigen en kwetsen, die alles belachelijk vindt. Hij heeft geen respect voor andermans mening. Als hij zich in het nauw gedreven voelt, gebruikt hij bruut geweld, vaker nog woordgeweld. Hij is steeds gemeen aanvallend.

Steenbok - weerstaan

Afweren, neen durven zeggen, weigeren, zijn territorium verdedigen, opkomen voor het eigen standpunt, van zich afbijten, niet op zijn kop laten zitten.

Voorbeeld : iemand die de deur op slot doet, judobeoefenaar, mens met een koptelefoon, onderwijzer…

Een goedgemutste steenbok is iemand die zich weet te verdedigen tegen dingen die onrechtvaardig zijn. Hij laat zich niet zomaar bevelen door de anderen. Behendig ontwijkt hij alle ballen of stoot ze weg uit z'n kamp.

Een slechtgemutste steenbok is iemand die in alles het slechte ziet en dat ook uit.

Uil - houden

Voor zich houden, weigeren te geven, opsparen, verzamelen, zich erboven stellen, geheimhouden, zwijgen, verstoppen, zich niet laten kennen.

Voorbeeld : iemand die een dagboek schrijft, een kind dat niet meedoet maar alleen toekijkt, onderwijzer, …

Een goedgemutste uil is iemand die een geheim goed kan bewaren. Anderen kunnen over alles met hem spreken en voelen er zich veilig bij. Hij zal niet snel iets lossen. Hij kan zich afzijdig houden en op die manier objectief observeren.

Een slechtgemutste uil is iemand die overdrijft met zijn zwijgzaamheid. Hij kijkt op alles en iedereen neer. Hij ziet alles gebeuren, maar trekt er zich niets van aan. Hij is nooit betrokken bij het gebeurde.

Schildpad - ondergaan

Ondergaan, twijfelen, lossen, zich vervelen, zich terugtrekken, wegkruipen, schuilen, verdriet hebben, moe zijn, onzekerheid uitdrukken, contact ontwijken.

Voorbeeld : een kind dat verdrietig is, een eenzaam mens, een bang iemand, onderwijzer…

Een goedgemutste schildpad is iemand die zich durft terugtrekken. Zij komt er ronduit voor uit dat ze het moeilijk heeft. Zij durft haar ongelijk toegeven of zeggen dat zij iets niet begrepen heeft. Zij luistert naar zichzelf en kan daaruit energie putten.

Een slechtgemutste schildpad is iemand die niets meer aankan. Zij krimpt ineen bij de minste opmerking die ze krijgt. Zij voelt zich de mindere van iedereen. Zij zit diep in de put en is depressief. Zij is het gelukkigst in haar eentje. Graag zou zij het anders willen, maar daarvoor kan ze de nodige energie niet opbrengen.

Pauw - geven van persoon / bijzijn

Pronken, jezelf tonen, laten zien wie je bent en wat je kunt, jezelf een pluimpje geven, contact zoeken, iemand opzoeken, op bezoek gaan, op de voorgrond treden.

Voorbeeld : zanger, kunstenaar, mannequin, onderwijzer, …

Een goedgemutste pauw is iemand die er zich van bewust is dat hij heel wat te bieden heeft, maar ook beseft dat hij niet volmaakt is. Hij weet dat hij binnen een groep een unieke plaats inneemt. Hij is niet verlegen, ook niet over wat hij nog niet kan. Hij neemt niet zomaar een afwachtende houding aan. Hij is blij met de aandacht die hij krijgt. Hij laat graag zien wie hij is.

Een slechtgemutste pauw is iemand die te pas, maar ook te onpas, alle aandacht naar zich toe wil trekken. Hij wil opvallen door altijd tussen te komen en plaatst zich op een irritante wijze op de voorgrond. Hij wil altijd op het podium staan, op de bovenste trede. Het is iemand die altijd opschept over zichzelf.

Wasbeer - aandacht schenken

Waarderen, applaudisseren, iemand een pluimpje geven, feliciteren, iemand ontvangen, verwelkomen, uitnodigen, luisteren.

Voorbeeld : fotograaf, mensen die iets bekijken, kunstliefhebbers, onderwijzer, …

Een goedgemutste wasbeer is iemand die spontaan in de handen klapt als hij iets goeds ziet. Zijn lof is steeds gemeend en nooit overdreven. Hij zal regelmatig iemand een pluim geven voor wat die goed kan.

Een slechtgemutste wasbeer is iemand die steeds anderen vleit en idealiseert. Hij verliest zichzelf en weet niet meer wat hij van zichzelf kan laten zien. Hij is een naïeveling, een goedgelovige. Hij wil profijt trekken uit alle situaties.

Leeuw - geven van informatie, richtlijnen

Geeft uitleg, informatie, vertelt nieuwtjes, geeft instructies, geeft bevelen, legt regels op, adviseert, geeft leiding en raad, geeft tips.

Voorbeeld : politieagent, dirigent, verteller, onderwijzer, …

Een goedgemutste leeuw is iemand die richtlijnen kan geven en leiding kan nemen. Leiderschap wordt niet alleen uitgeoefend door richtlijnen te geven. Een bekwame leider kan ook goed luisteren naar wat er leeft bij de anderen. Hij weet ook duidelijk onderscheid te maken tussen het regelen van de gespreksprocedure en het doen van voorstellen.

Een slechtgemutste leeuw is iemand die bazig is, altijd de leiding wil nemen, doordramt over een bepaalde zaak. Hij luistert niet naar anderen, houdt geen rekening met de mening van anderen. Hij laat anderen geen kans om voorstellen te doen.

Kameel - aannemen van informatie, richtlijnen

Volgen, gehoorzamen, meelopen, advies vragen, beluisteren, ja knikken, informeren, naar uitleg vragen, aannemen van leiding of erom vragen.

Voorbeeld : iemand die leest, een kind dat z'n vinger opsteekt, onderwijzer,…

Een goedgemutste kameel is iemand die de raadgevingen nauwgezet opvolgt. Hij weet waar informatie te vinden is en zoekt die dan ook op. Hij is leergierig, werkt goed mee, stelt geen overbodige vragen. Hij luistert aandachtig en heeft het ook gehoord, als hij of iemand anders iets onzinnigs zegt. Hij gaat gemakkelijk in, op voorstellen van anderen en volgt hun instructies.

Een slechtgemutste kameel is iemand die alles slaafs opvolgt. Zonder richtlijn voelt hij zich onzeker. Voor alles vraagt hij toestemming. Hij is een meeloper. Protesteren doet hij niet. Hij is bang om de genegenheid te verliezen en biedt daarom geen weerstand. Hij lijkt zijn kop in het zand te steken. Hij heeft geen oor meer voor de andere.

Bever - geven van diensten / goederen

Zorgt, verzorgt, verpleegt, helpt, bewijst een dienst, koestert, knuffelt, omarmt, geeft kusjes, iets geven, biedt aan, schenkt, bemoedert, draagt zorg voor.

Voorbeeld : verpleegster, moeder, vader, wie iets geeft/schenkt, onderwijzer, …

Een goedgemutste bever is iemand die ijverig en gedienstig is. Hij is dienstvaardig en bereid om de handen uit de mouwen te steken. Waar nodig, springt hij in om mee te helpen. Hij kan de anderen op een gepaste wijze bijstaan. Hij zal altijd zorgen voor de anderen.

Een slechtgemutste bever is iemand die zijn hulp wil opdringen. Hij is één en al zorg geworden en betuttelt de anderen. Zijn overdreven bezorgdheid ergert de omgeving.

Poes - aannemen van diensten / goederen

Zich laten welgevallen, zich laten verzorgen, verplegen, zich tegen iemand aanvlijen, op schoot zitten, bedanken, genieten, een snoepje of een kusje vragen, een geschenk aannemen.

Voorbeeld : kind op schoot, verliefde mensen, onderwijzer, …

Een goedgemutste poes is niet zo ongelukkig als aan haar verlangen niet wordt voldaan. Ze is gelukkig als ze ziet dat de ouder of de leerkracht haar verlangen erkent en respecteert, ook al kunnen zij er niet aan voldoen.

Een slechtgemutste poes is een profiteur die zich alles laat welgevallen wat een ander voor haar doet. Ze is liever lui dan moe.

=> Meer achtergrond informatie